Wanneer een Overlijdensrisicoverzekering wordt uitgekeerd, krijgt de begunstigde met een aantal fiscale aspecten te maken. Hieronder kunt u lezen met welke belastingsmaatregelen u rekening moet houden.
Wanneer de begunstigde het bedrag van de Overlijdensrisicoverzekering krijgt uitgekeerd, moet hij/zij belasting hierover betalen. Dit wordt erfbelasting (voorheen successierecht) genoemd. De hoogte van de te betalen erfbelasting is afhankelijk van de hoogte van het bedrag dat wordt uitgekeerd en van de relatie van de begunstigde met de overledene. Hierbij zijn behoorlijke bedragen vrijgesteld van erfbelasting. Voor echtgenoten of partners die vijf jaar of langer samenwonen geldt in 2010 een vrijstelling van €600.000,-.
Het is ook mogelijk om de erfbelasting geheel of gedeeltelijk te ontwijken indien u niet in gemeenschap van goederen gehuwd bent. U kunt dit doen door te kiezen voor premiesplitsing. Dit wordt ook wel kruislingse premiebetaling genoemd. Bij premiesplitsing betaalt de begunstigde de premie. Op deze manier wordt het bedrag bij uitkering niet als een erfenis gezien, omdat de begunstigde zelf de benodigde premie heeft betaald. In dit geval hoeft er dan ook geen erfbelasting te worden betaald bij een uitkering van de polis.
Premiesplitsing is niet in alle gevallen mogelijk. Het kan alleen toegepast worden door samenwonenden, mensen met een geregistreerd partnerschap of mensen die op huwelijkse voorwaarden met elkaar zijn getrouwd. Mensen die in gemeenschap van goederen zijn getrouwd kunnen niet de premiesplitsing toepassen, omdat hun vermogen als één wordt beschouwd. De premies worden dan uit gezamenlijke inkomen betaald. De fiscus rekend dan de helft van de uitkering toe aan de overleden partner. Dit uitkeringsdeel komt dan in de totale erfenis. Voor de totale erfenis heeft de nabestaande recht op de bovengenoemde vrijstelling.