Financieel adviseurs die voor huishoudens de schadeverzekering regelen maken zich er op grote schaal met een jantje-van-leiden van af. Dit schrijft De Telegraaf vandaag. "Veel adviseurs sluiten de brandschadepolis af en kijken er nooit meer naar om. Terwijl ze minstens elke drie jaar de verzekerde waarde van het huis moeten taxeren. En door niet te kijken naar de echte waarde van het huis en de inboedel, zijn de klanten bij brand vaak onderverzekerd. Dat constateren de Vereniging van Polisbezitters en taxateurs en advocaten van het bijbehorende Helvetia Resolve", aldus de krant. De adviseur krijgt inclusief de bonus jaarlijks 23 procent beloning over de verzekeringspremie die klanten betalen. Niet de bewoners of de verzekeraar, maar de adviseur die de polis verkocht heeft moet volgens de wet de waarde van het huis bijhouden. Dekt de polis de waarde bij brand niet volledig meer, dan moet deze adviseur zijn klant daarop aanspreken. "De wet is daarop aangescherpt. Maar het dringt bij deze tussenpersonen ondanks rechtszaken nog niet door dat ze zich ook bij een schadeverzekering meer met hun klant moeten bemoeien", aldus Bob van der Mast, voorzitter van de vereniging. Volgens brancheorganisaties voldoen hun adviseurs wel aan de wet. Bovendien werken verzekeraars met zogeheten waardebarometers: die verhogen elk jaar automatisch de waarde van de inboedel en de opstal van een huis. Het Verbond van Verzekeraars ziet dat woningen gemiddeld voor twintig procent onderverzekerd zijn. Vereniging Eigen Huis adviseert leden elke vijf jaar een waardecontrole te doen. De wet verplicht adviseurs echter elke drie jaar langs te komen. (Telegraaf)